Werkwijze

Bestudering van theorie en praktische training wisselen elkaar af. Daarbij worden verschillende werkvormen gebruikt, gericht op het zich eigen maken van de vaardigheden van de contextuele benadering. We werken afwisselend plenair of in twee groepen van acht deelnemers. In het laatste geval wisselen de docenten, de subgroepen blijven gelijk. Van de deelnemers wordt eigen inbreng van pastorale, familie- of werksituaties gevraagd. Gedurende de opleiding komen de deelnemers zes dagdelen in een intervisiegroep bijeen om literatuur te bestuderen en casuïstiek te bespreken. Iedere deelnemer houdt een procesdagboek bij.

Aanwezigheid

De opleiding gaat gepaard met een intensief groepsproces. De deelnemers leren aan elkaars contexten en werksituaties. Daarom nemen zij de inspanningsverplichting op zich om 100 % aanwezig te zijn en maken met het oog daarop goede afspraken met hun gemeente of instelling over vervanging, waarneming en/of verlof. Wie om persoonlijke redenen een dagdeel van de opleiding moet verzuimen, krijgt een vervangende opdracht. Bij langduriger verzuim wordt overlegd over compensatie naar bevind van zaken.